|
Schudden ze gewoon keihard nee,
als je oppert dat dit wel een bijzondere verhuizing moet zijn. "Och,
het zijn gewoon allemaal dozen." Maar moeten de verhuizers niet heel
goed opletten? Als zo'n doos met bijvoorbeeld gemeenterekeningen uit de
zeventiende eeuw verkeerd wordt weggezet, vind je 'm toch nooit meer
terug? "Nou", zeggen de verhuizers, "dat houden de mensen van het
archief gelukkig zelf in de gaten." Een van die mensen is André
Moerbeek.
Hij is als coördinator collectiebeheer in feite de
eindverantwoordelijke voor de verhuizing van het archief. Met
excellijsten vol inventarisnummers loopt hij opgetogen door de nieuwe
archievenbunker. De grootste archieven zijn vorige week als eerste
overgegaan, zegt hij. "We hebben meer dan zeshonderd archieven,
variërend in lengte van een centimeter tot meer dan honderd meter. Het
archief van de Raad- en Rekenkamer bijvoorbeeld en het stadsarchief
(van de vroegere gemeentebesturen), dat zijn hele grote."
Voordeeltje
is dat de spullen niet ver verplaatst hoeven te worden. Met een paar
honderd meter houdt het wel op. Stukken minder in ieder geval dan het
archief lang is: ruim vier kilometer.
Het materiaal verhuist van
het oude depot in de voormalige paardenstallen van de Wilhelminakazerne
naar een nieuwe opslagruimte onder het Wilhelminaveld. Op een diepte
van zes meter zijn daar acht ruimtes gebouwd die elk zo'n dertig
automatisch bedienbare stellingen herbergen. Die bestaan weer uit
twaalf kasten met elk acht planken van een meter lang. Twee van de acht
depots zijn trouwens bestemd voor materiaal van het Markiezenhof,
schilderijen, kaarten en dergelijke.
En eigenlijk telt het
ondergrondse complex niet acht, maar negen ruimtes. Die negende heeft
wel wat weg van een machinekamer van een schip: vol met buizen, meters
en ander lawaaimakend technisch spul dat temperatuur en vochtgehalte
moet bewaken. "Precies achttien graden moet het zijn bij een
vochtigheid van 45 procent", zegt Pim van Ginneken, hoofd facilitaire
dienst van het Markiezenhof. "Simpel gezegd wordt de aangezogen lucht
met filters gezuiverd van schimmels en pollen. Die kunnen het materiaal
ernstig aantasten. Alle spullen die we nieuw binnenkrijgen, gaan om die
reden ook naar de quarantaineruimte. Blijkt het aangetast, dan moet het
eerst met gammastralen behandeld worden."
Bezoekers die
archieven willen raadplegen kunnen naar verwachting vanaf half januari
weer op de oude vertrouwde plek terecht. De bedoeling is evenwel dat de
studiezaal in het voorjaar in de jeugdbieb in het Markiezenhof wordt
ondergebracht. Een busje zal archiefstukken die niet digitaal in te
zien zijn, heen en weer brengen. In een speciale doos ontoegankelijk
voor bacteriën, pollen en schimmels.
|